Samoerai: Japanse zwaardvechters met aanzien

samoerai foto

Een foto gemaakt in 1860 door de Engelse fotograaf Felice Beato. Een samoerai gehuld in harnas met dolk en zwaard.

Samoerai, voor veel mensen spreken deze Japanse krijgers enorm tot de verbeelding. Het woord samoerai (samurai) is afgeleid van het werkwoord samurau / saburau. De betekenis: ‘hij die dient’. De samoerai klommen tot de top van de Japanse sociale ladder en werden de meest gerespecteerde leden van de maatschappij. De samoeraiklasse kent een rijke geschiedenis. Lees verder en leer meer over deze bijzondere krijgers.

De eerste Samoerai

De samoeraiklasse zoals wij hem vooral kennen ontstond tijdens de Heianperiode (794-1192). Maar voor deze periode zijn al aanwijzingen van samoerai terug te vinden. Deze samoerai waren in dienst van rijke heren of reisden door het land en stelden hun diensten tegen betaling beschikbaar.

Samoerai in de Heianperiode

In de vroege Heianperiode was de macht in Japan verdeeld onder een aantal adellijke families. De familie die de macht aan het keizerlijk hof in handen had was de familie van de Fujiwara. De adellijke families richtten troepenmachten op ter bescherming van hun posities. Zo kwam er een verband tussen samoerai en de bovenklasse van de sociale ladder.

Ook keizer Kammu (736-806) maakte gebruik van samoerai met als doel opstanden neer te slaan en het land te verenigen.

De samoerai kregen, door hun banden met de invloedrijke families van adellijke stand, steeds meer macht en invloed aan het keizerlijk hof. Uiteindelijk gingen zij zelf een eenheid vormen. Toen de Genpei oorlog was afgelopen werd Minamoto no Yoritomo de eerste Shogun van Japan. De samoerai kwamen toen officieel aan de macht in het land.

Bushido – weg van de krijger

De samoeraikrijgers ontwikkelden vanaf de Heianperiode een eigen gedragscode. Zij volgden de weg van de krijger, ook wel Bushido genoemd. Het zwaard was volgens deze code de ziel van de samoerai en moest altijd meegedragen worden, als voornaamste wapen. Een samoerai mocht zijn zwaard nooit verliezen, dit was een verschrikkelijk grote schande die vaak leidde tot een vorm van zelfdoding genaamd seppuku.

Samoerai hadden geweldige skills op het gebied van zwaardvechten. De vaardigheid in het hanteren van het zwaard heet ken-jutsu. Samen met andere krijgersvaardigheden is ken-jutsu onderdeel van budo, de Japanse krijgskunsten.
Een van die andere krijgskunsten was jiujitsu, zelfverdediging zonder het gebruik van wapens. Zo konden zij ook overleven wanneer zij niet de beschikking hadden over wapens. Verder specialiseerden de samoerai zich ook in andere richtingen dan de krijgerskunst zoals kalligrafie en bloemschikken. Vaak specialisaties die samen ging met meditatie of concentratie.

Seppuku (Harakiri)

Seppuku was zelfdoding die werd toegepast door de samoerai. Seppuku kon op diverse manieren worden ingezet. Op het slachtveld als het erop leek dat men zich gedwongen moest overgeven kozen samoerai er voor om seppuku toe te passen. Samoerai die verslagen werden of vluchtten onteerden zichzelf en familie. Dit kon op deze wijze worden voorkomen.
Het fenomeen werd ook als straf gebruikt. Een samoerai die iets strafbaars had gedaan kon op deze wijze zijn eer redden. Wanneer seppuku als straf werd ingezet vond er een ceremonie plaats. De samoerai die een einde aan zijn leven ging maken schreef, gekleed in het wit, vlak voor zijn dood een afscheidsgedicht. Seppuku hield tijdens de ceremonie in dat een samoerai met een speciaal zwaard genaamd de kusungobu zichzelf de buik open sneed. Dit deed de samoerai door zichzelf twee keer in de buik te snijden, de twee sneden haaks op elkaar. De eerste snede was van linksonder naar rechtsonder. De tweede snede was haaks op de eerste snede omhoog. Vervolgens mocht een secondant de samoerai uit zijn lijden verlossen door zijn nek met precisie door te hakken (net niet helemaal, zodat het hoofd niet van het lichaam viel). Sinds 1873 is seppuku verboden, heel zelden zijn er nog samoerai die voor deze vorm van zelfdoding kiezen.

Einde van de Samoerai

Diverse ‘shogunaten’ hadden in de loop der tijd de macht in handen in Japan. Maar tijdens het Tokugawa-shogunaat (1600-1868) werden samoerai op militair gebied steeds minder belangrijk. Aan het eind van dit shogunaat waren de samoerai eerder ambtenaren dan krijgers. Het zwaard werd eigenlijk niet meer gebruikt om te vechten.

Aan het eind van de 19e eeuw werd de samoeraiklasse afgeschaft tijdens de zogeheten Meiji-restauratie. De Meiji-restauratie is de periode waarin de krijgsadel de macht in Japan begon te verliezen. Na de Meiji-restauratie volgde de Meijiperiode waarin Japan moderniseerde. De afschaffing van de samoeraiklasse ging gepaard met een verbod op het dragen van het zwaard. Hierop volgde strijd tussen samoerai en de overheid die uiteindelijk in het voordeel van de overheid werd beslecht.

Beoordeel dit artikel, wij zijn benieuwd naar jouw mening!
[Aantal beoordelingen: 1 Gemiddeld: 4]

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *